Pinterest • De ideeëncatalogus voor iedereen

KEUZEMODULE buitenspelen

Op dit bord vind je pins terug van buitenspelen die je met de leerlingen kan doen.
10 Pins23 Volgers

Tic Tac Toe: De leerlingen hebben elk een aantal stenen met eenzelfde voorwerp op. Ze proberen op het beschikbare speelveld drie op een rij te maken met de stenen waar hun voorwerp opstaat.

10

Kubben: Een spel waar twee teams tegen elkaar strijden. In het midden van het spel staat het kasteel. Aan beide zijden van het kasteel (allebei even ver) staan 5 houten blokken. De leerlingen nemen altijd plaats achter de dichtste blok bij het kasteel. De teams gooien elk om de beurt met de voorziene stokken naar de 5 blokken van de tegenstander. Gooien ze die alle 5 om dan mogen ze proberen het kasteel om te gooien. Wanneer het kasteel is omgegooid is het spel afgelopen.

5

Kat en muis is een kinderspel waarbij samengewerkt moet worden. De kat heeft als doel om de muis te vangen, maar dit is nog niet zo eenvoudig. Alle andere kinderen gaan de muis helpen zodat hij niet gevangen gaat worden door de kat. Heeft de kat de muis toch gevangen? Dan mogen twee nieuwe kinderen voor kat en muis gaan spelen.

Een buitenspel waar leerlingen elkaar kunnen leren kennen: Om de beurt roept iemand uit de groep de volgende zin: “Raak iemand aan waarvan je denkt dat….”. Deze zin wordt afgemaakt door de trainer (of als je het vertrouwt door iemand uit de groep) met een willekeurig antwoord over een eigenschap die iemand uit de groep zou KUNNEN HEBBEN. Bijvoorbeeld: Waarvan je denkt dat die persoon in Friesland geboren is…

Zomerspel: Alle leerlingen zitten in een rij achter elkaar. De eerste leerling vult een beker met water. (Indien u dit liever met iets anders doet kan dit natuurlijk ook!) De eerste leerling geeft de beker door naar de tweede leerling door die over haar hoofd te heffen. We blijven dit doen tot de beker bij de laatste leerling is. Kunnen we dit doen zonder te morsen?

Jutezaklopen: De leerlingen stappen allemaal in een jutezak. Daarna gaan ze allemaal op één lijn staan. Wanneer de leerkracht het startschot heeft gaan de leerlingen zo snel mogelijk tot de eindlijn.

Paardjesspel in het groot: De leerlingen hebben elk een fles in de kleur waar zij mee spelen. Er is ook een grote dobbelsteen aanwezig waar de kinderen elk om de beurt mee gooien. De kinderen mogen hun pion pas is het spelbord zetten als ze 6 gooien. Daarna gaan ze zo snel mogelijk rond het spelbord tot ze weer bij hun kleur zijn. Tot slot moeten de leerlingen zo snel mogelijk 1,2,3,4 gooien om door de middelste strook te geraken in hun kleur. Wanneer een speler jou inhaalt begin je opnieuw.

Alle letters van het alfabet liggen open op een tafel of een bank. De leerlingen werken samen en zoeken voorwerpen die beginnen met een letter van het alfabet. Kunnen de leerlingen het volledige alfabet afmaken?

Een spel om te leren mikken tijdens het gooien. De leerlingen hebben allemaal een aantal ballen/worpen. Alle leerlingen staan achter een bepaalde lijn. (Deze lijn kan dichter of verder geplaatst worden naargelang de moeilijkheidsgraad.) De leerlingen gooien elk om de beurt een bal naar het doek. Op het doek zien ze punten staan bij elk vak. Als de bal in een vak gaat kijken ze hoeveel punten ze hebben. De leerling die op het einde van het spel de meeste punten heeft wint het spel.

Een spel waarbij de leerlingen zo weinig mogelijk ballen mogen laten vallen. De leerlingen trekken om de beurt een stok uit het net. Wanneer er één of meerdere ballen uitvallen neemt deze leerling de ballen en legt deze in zijn/haar emmer. Het spel is afgelopen als alle ballen naar beneden zijn gevallen. De speler met het minst aantal ballen is de winnaar.