Trappen tegen opgehangen ballonnen

Trappen tegen opgehangen ballonnen

Zet 10 pionnen neer. Leg willekeurig onder 5 pionnen gele pittenzakjes en onder 5 pionnen rode pittenzakjes. Maak 2 teams en een 2 scheidsrechters. De eerste van het team staat klaar rent naar pionnen en tilt er eentje op. Alleen pittenzakje van jouw kleur pakken anders heb je pech. Snel terugrennen, handjeklap met teamgenoot en dan rent de ander. Welk team heeft als eerste de 5 pittenzakjes vd eigen kleur? Daarna wisselen. Scheidsrechters verdelen de pittenzakjes.

Zet 10 pionnen neer. Leg willekeurig onder 5 pionnen gele pittenzakjes en onder 5 pionnen rode pittenzakjes. Maak 2 teams en een 2 scheidsrechters. De eerste van het team staat klaar rent naar pionnen en tilt er eentje op. Alleen pittenzakje van jouw kleur pakken anders heb je pech. Snel terugrennen, handjeklap met teamgenoot en dan rent de ander. Welk team heeft als eerste de 5 pittenzakjes vd eigen kleur? Daarna wisselen. Scheidsrechters verdelen de pittenzakjes.

Gymles voor kleuters, les met banken en hoepels 1 - Zet 4 of 5 banken evenwijdig aan elkaar met 2 meter tussenruimte midden in het lokaal. Leg tussen en naast de banken zoveel mogelijk hoepels. Geef de kinderen de opdracht om zoveel mogelijk bewegingen uit te proberen. Ze mogen niet stil staan. Bijv. Van de bank in de hoepel springen. Van hoepel naar hoepel. Over of onder de bank bank kruipen enz. enz.

Gymles voor kleuters, les met banken en hoepels 1 - Zet 4 of 5 banken evenwijdig aan elkaar met 2 meter tussenruimte midden in het lokaal. Leg tussen en naast de banken zoveel mogelijk hoepels. Geef de kinderen de opdracht om zoveel mogelijk bewegingen uit te proberen. Ze mogen niet stil staan. Bijv. Van de bank in de hoepel springen. Van hoepel naar hoepel. Over of onder de bank bank kruipen enz. enz.

Gymles voor kleuters, les met banken en ballen 1 - Slalom: Zet 4 of 5 banken evenwijdig aan elkaar met 2 meter tussenruimte midden in het lokaal. Alle kinderen krijgen een bal. Ze slalommen tussen de banken door. Eerst mogen ze zelf weten hoe ze slalommen. Daarna geeft de leerkracht opdrachten. Bijv. Wandelen en de bal steeds aantikken met je voet, huppen met de bal tussen je benen, kruipen en de bal met je hoofd vooruit rollen.

Gymles voor kleuters, les met banken en ballen 1 - Slalom: Zet 4 of 5 banken evenwijdig aan elkaar met 2 meter tussenruimte midden in het lokaal. Alle kinderen krijgen een bal. Ze slalommen tussen de banken door. Eerst mogen ze zelf weten hoe ze slalommen. Daarna geeft de leerkracht opdrachten. Bijv. Wandelen en de bal steeds aantikken met je voet, huppen met de bal tussen je benen, kruipen en de bal met je hoofd vooruit rollen.

Tikspelletjes voor buiten en gymzaal

Tikspelletjes voor buiten en gymzaal

Gymlessen voor kleuters met pittenzakken 1 - De kinderen lopen rond in de zaal en schuiven de pittenzak met hun voeten vooruit. Variatie: rennen, kruipen enz.

Gymlessen voor kleuters met pittenzakken 1 - De kinderen lopen rond in de zaal en schuiven de pittenzak met hun voeten vooruit. Variatie: rennen, kruipen enz.

Gymles met banken 2 - In de zaal staan 4 banken met een tussenruimte naast elkaar. De kinderen slalommen op allerlei manieren om de banken. Als de leerkracht in haar handen klapt springen de kinderen op de bank.

Gymles met banken 2 - In de zaal staan 4 banken met een tussenruimte naast elkaar. De kinderen slalommen op allerlei manieren om de banken. Als de leerkracht in haar handen klapt springen de kinderen op de bank.

Gymles voor kleuters met pittenzakken 3 - Overlopertje met pittenzakken. De kleuter die wordt getikt, moet zijn pittenzak in de mand van de tikker leggen. Na het spel tellen we met elkaar hoeveel pittenzakken van elke kleur de tikker heeft gewonnen.

Gymles voor kleuters met pittenzakken 3 - Overlopertje met pittenzakken. De kleuter die wordt getikt, moet zijn pittenzak in de mand van de tikker leggen. Na het spel tellen we met elkaar hoeveel pittenzakken van elke kleur de tikker heeft gewonnen.

Gymles met kleuters met pittenzakken 4 - De kinderen gaan, lopen, renne of huppelen rond in het lokaal en bedenken zelf een maniertje om de pittenzak te dragen. Elke keer moeten ze een nieuw maniertje bedenken. Bv. Op hoofd, hand, schouder, voet.

Gymles met kleuters met pittenzakken 4 - De kinderen gaan, lopen, renne of huppelen rond in het lokaal en bedenken zelf een maniertje om de pittenzak te dragen. Elke keer moeten ze een nieuw maniertje bedenken. Bv. Op hoofd, hand, schouder, voet.

Gymles met banken 7 - Sprinten. Zet 4 lange banken in de hoeken van de zaal. Iedere bank krijgt een nummer. De leerkracht roept een nummer van 1 t/m 4 en de kinderen sprinten naar de bijbehorende (denkbeeldige) lijn. Als alle kinderen daar zijn, roept de trainer een andere nummer en sprinten ze allemaal weer naar de bijbehorende lijn, enz.

Gymles met banken 7 - Sprinten. Zet 4 lange banken in de hoeken van de zaal. Iedere bank krijgt een nummer. De leerkracht roept een nummer van 1 t/m 4 en de kinderen sprinten naar de bijbehorende (denkbeeldige) lijn. Als alle kinderen daar zijn, roept de trainer een andere nummer en sprinten ze allemaal weer naar de bijbehorende lijn, enz.

Pinterest
Zoeken